Nederland in Europese top 3 met snel internet en digitale economie

20 september 2022

Nederland scoort in de ranglijsten voor digitale economie en connectiviteit. Na drie jaar afwezigheid is Nederland teruggekeerd in de top 3 van de DESI-index. Ook als het gaat om de gemiddelde internetsnelheid scoort ons land een Europese podiumplaats, zo blijkt uit recente data van M-Lab. De oorzaak kan mede worden gevonden in versnelde FttH-uitrol en kabelupgrades naar DOCSIS 3.1.

Onlangs publiceerde de Europese Commissie een nieuwe versie van haar jaarlijkse en toonaangevende Digital Economy and Society Index (DESI). De DESI rangschikt Europese landen als het gaat om de kwaliteit van de digitale connectiviteit en infrastructuur, de mate van digitalisering binnen samenleving, bedrijfsleven en overheid en meet ook de digitale vaardigheden van inwoners.

Top 3

Nederland is na 3 jaar van een slechtere ranking teruggekeerd in de top 3. Ons land stijgt onder meer omdat het bedrijfsleven verder digitaliseert. Met gebruik van sociale media, cloudtoepassingen en het benutten van data loopt het bedrijfsleven ten opzichte van de EU voorop. Ook de Nederlandse investeringen in AI en quantum en micro-elektronica versterken onze economische positie. Nederlanders zijn ook ver bovengemiddeld digitaal vaardig. Datzelfde geldt voor het aanbod en de kwaliteit van de digitale overheidsdiensten.

Connectiviteit

Zoomen we verder in op connectiviteit, dan zien we dat ons land op de tweede plaats staat, na Denemarken. Spanje maakt de top 3 compleet. De Commissie meet hier middels verschillende indicatoren de prestaties op het vlak van gebruik en dekking van snel vast internet, gebruik en dekking van 5G en mobiel internet en de prijs van breedbandabonnementen.

Glasvezel en DOCSIS 3.1

Ons land scoort hoog qua dekking van snel vast internet (VDSL, VDSL2 vectoring, FttH, DOCSIS 3.0 en 3.1). Samen met Cyprus, Malta, Luxembourg en België bevindt ons land zich in de kopgroep van landen waar meer dan 99% van de huishoudens hiervan gebruik kan maken. Wanneer we alleen kijken naar FttH en DOCSIS 3.1, de zogenaamde VHCN-categorie (Very High Capacity Networks), dan staan we op de zesde plek, na Malta, Luxemburg, Denemarken, Spanje en Letland, met een dekking van boven de 90%.

Voor de hele Unie geldt dat de VHCN-dekking meer dan verdubbelde in de afgelopen drie jaar, dankzij kabelupgrades naar DOCSIS 3.1 en versnelde FttH uitrol. Dat geldt zeker ook voor ons land, waar DOCSIS 3.1 upgrades en uitrol van FttH aan de orde van de dag is.

M-Lab: hoge gemiddelde internetsnelheid

Deze goede positie vertaalt zich ook naar de gemiddelde internetsnelheid. Prijsvergelijker cable.co.uk publiceerde begin september een analyse van 1.1 miljard speed tests, verricht door M-Lab in 220 landen tussen 1 juli 2021 en 30 juni 2022. Ook hier scoort Nederland goed.

West Europa domineert deze lijst, met 7 landen in de top 10, maar die omvat vrijwel allemaal eilandstaten en dwergstaten als Jersey, Macau, Liechtenstein, Gibraltar en Andorra. De onderzoekers constateren dan ook dat er een sterke correlatie is tussen de geografische omvang van een land en de gemiddelde snelheid, omdat een upgrade van het gehele netwerk in een klein gebied natuurlijk eenvoudiger is dan in een groot land.

Nogmaals top 3!

De enige landen van omvang in de top 10 zijn Taiwan (7), Japan (9) en Frankrijk (10). Na de VS (11) en Spanje (13) volgt Nederland dan op plek 14, als derde Europese natie van enige omvang. Volgens M-Lab ligt de oorzaak in glasvezeluitrol, al zegt men niks over kabelupgrades: ‘countries ranking highest are those with a strong focus on pure fibre (FTTP) networks with those countries dawdling too much on FTTC and ADSL solutions slipping further down year-on-year.’

De landen om ons heen – België (24), Duitsland (33), de UK (35) en Denemarken (47) scoren in dit onderzoek aanmerkelijk slechter. Wereldwijd is de gemiddelde downloadsnelheid 35 Mbps, in Nederland is dat 114 Mbps.

WiFi

De snelheden zoals gemeten door M-Lab zijn overigens geen maatstaf voor de werkelijke snelheid die op de router in huis beschikbaar is. Deze ligt doorgaans gelukkig een stuk hoger. De reden hiervoor is dat de methodologie van M-Lab metingen via WiFi bevat en bovendien werkt met speed tests die door de consument actief worden uitgevoerd in plaats van continue tests.